Een andere vorm van volksfeesten zijn de parades.
Voor het vak Pedagogisch erfgoed heb ik het gehad over het Ros Beiaard.
Dit is een ommegang die sinds 1990 om de tien jaar doorgaat in Dendermonde. Hier wordt het verhaal verteld over de sage van het Ros Beiaard. Dit was een extreem sterk paard dat Heer Aymon van Dendermonde aan zijn jongste zoon gaf vermits deze ook heel erg sterk was. Het paard wordt uiteindelijk opgeofferd om de vrede met Karel De Grote te bewaren. Hij wordt met molenstenen rond zijn in de rivier gegooid. Tot drie keer toe weet het paard zich uit de rivier te hijsen tot op het moment totdat Reynout (de jongste zoon) zijn hoofd afwend van verdriet. Als het paard merkt dat zijn baas niet meer kijkt geeft hij de strijd op en verdrinkt hij.
Het belangrijkste element in de parade is het ros zelf. Het is een paard dat 5 m hoog is en 5 meter lang. Het wordt tijdens de parade gedragen door drie keer 12 pijnders. Op het ros zitten vier broers uit Dendermonde. Het is een hele eer om heemskind te mogen zijn. Wat zo opvallend is aan deze ommegang is dat (bijna) alle inwoners van Dendermonde er wild van zijn. Ze kijken er tien jaar naar uit. Als het dan eindelijk zover is, en ze het paard zien steigeren, dan barsten ze in tranen uit. Dit kan je terugvinden om allerhande filmpjes zoals deze: http://www.youtube.com/watch?v=ECsglEbckiU. Het is opvallend dat het de Dendermondenaars zo raakt. Al deze emoties tijdens de ommegang duiden er volgens mij op dat er sprake kan zijn van blootstelling.
Ik vroeg me af wat hier dan de elementen zijn die ervoor zorgen dat er blootstelling is. Volgens mij heet het er niet alleen mee te maken dat het gaat om een parade. Het is immers een eeuwenoude traditie en het maakt deel uit van de identiteit van de bewoners van Dendermonde. Volgens mij zou het dus niet helpen moest er iets gelijkaardigs gedaan worden in Genk, vermits het daar niet zoveel waarde zou hebben.
Om een beetje meer te weten te komen over blootstelling tijdens parades heb ik een e-mail gestuurd naar Peter Reyskens vermits hij veel bezig is met parades. De vragen die ik hem heb gesteld waren:
Het antwoord dat hij mij gestuurd heeft ga ik gewoon overnemen vermits ik geen elementen wil vergeten te vermelden:
Ik denk dat parades altijd een moment van blootstelling met zich mee brengen. Ik denk dat het fysieke tentoonstellen van bewegende lichamen die bekeken worden door anderen een vorm van bloostelling is.
Ik denk echter dat dit publieke aspect van paraderen vaak terug beschermd wordt of geprivatiseerd wordt, waardoor het veilig gemaakt wordt en zijn publieke karakter verliest.
Als je een parade wil maken die blootstelling toelaat, moet je volgens mij vooral allerlei beschermingsmechanismen uitsluiten die van de parade terug een soort privé clubje maken waarbij de parade in het teken komt te staan van een particuliere betekenis: zoals de Natie in een militair défilé, de Godsdienst in een processie of een eigen identiteit in een ethnische optocht.
Ik denk echter dat dit publieke aspect van paraderen vaak terug beschermd wordt of geprivatiseerd wordt, waardoor het veilig gemaakt wordt en zijn publieke karakter verliest.
Als je een parade wil maken die blootstelling toelaat, moet je volgens mij vooral allerlei beschermingsmechanismen uitsluiten die van de parade terug een soort privé clubje maken waarbij de parade in het teken komt te staan van een particuliere betekenis: zoals de Natie in een militair défilé, de Godsdienst in een processie of een eigen identiteit in een ethnische optocht.
Volgens Peter Reyskens is blootstelling dus wel mogelijk in alle parades als je beschermingsmechanismen uitschakelt. Dit doet me denken aan het immuniseren bij Esposito. Als je jezelf immuniseert dan kan je niet blootgesteld worden. De vraag die ik mezelf nu stel en waar ik geen antwoord op heb, is hoe je (als buitenstaander) ervoor kan zorgen dat de ander zich niet immuniseert?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten